Waarom Israël belangrijk is voor de kerk en mijn geloof

8 redenen waarom Israël belangrijk is voor de kerk en uw geloof

De eerste reden is dat Israël Gods eerstgeboren zoon is (Ex.4:23). God noemt Israël zijn oogappel, zijn troetelkind, zijn geliefde en bruid. Als ik die woorden lees in de bijbel zijn dat geen herinneringen aan een ver verleden. Zo noemt God Israël nog steeds. Gods trouw slijt niet en mijn houding ten aanzien van Israël raakt het hart van God.

Mozes zingt: ‘Is Hij niet uw Vader, die u geschapen heeft, die u gemaakt heeft en toebereid?’ (Deut.32:6b). God gaat dwars door de geschiedenis heen op weg naar het herstel van zijn schepping. Op die weg is Israël zijn metgezel en knecht, geroepen om Gods naam aan de wereld bekend te maken en het leven met God voor te leven op het podium van de wereld. Dat is de tweede reden. Ik ben als christen niet de eerst. Israël is er ook en zij is er zelfs al langer. Er meer is dan mijn persoonlijke geloof in God en zijn dagelijkse zorg voor mijn leven. Er is iets groots gaande: De Heilsgeschiedenis.

De derde reden voor mij is dat God zich aan de wereld bekend maakt als de God van Israël. Het behoort tot zijn identiteit. Jezus is niet gekomen om God daarvan te ‘bevrijden’. God heeft heel de wereld lief maar als de God van Jakob (Ps.59:14).

Jezus zelf is Gods ultieme verbinding met Israël. Zo nabij is God zijn volk nog nooit geweest.
Jezus is Immanuël, God uit God en Jood uit Jood. In Hem ontmoet ik God en Israël.
Hij is onze redder en Heiland, maar Hij is dat niet alleen. Hij is de koning der Joden. God heeft Hem gezonden om zijn volk vergeving van zonden te geven en het geschenk van zijn Geest, om Israël te helpen bij haar roeping en om Israël te bevrijden van haar vijanden. Als Maria en Zacharia daarover zingen, hebben ze het goed begrepen. Hun liederen zijn geen nationalistische volksliederen die we zo rap mogelijk moeten vergeestelijken. Jezus is inderdaad  gekomen om Israël te herstellen geestelijk en fysiek.

Jezus schaft de wet en de profeten niet af. Hij is gekomen om die te ‘vervullen’ en dat betekent niet dat heel de bijbel in Hem uitloopt, door Hem geabsorbeerd wordt en vervolgens verdampt, zodat het daarna het Oude Testament genoemd kan worden. Jezus vervulling betekent dat Hij de bekroning is van Gods beloften, Hij maakt ze vol. En Hij bevestigt alle beloften die er al waren (Rom.15:8). Concreet het gaat in het evangelie om de wet en de profeten.
Wil ik weten van God van plan is, wat de toekomst is, wie Jezus is, wat rechtvaardiging is, wat de doop is, wat het avondmaal is: Naar de wet en de profeten. Daar staat het allemaal!

Dat is de vijfde reden: Israël helpt mij om de bijbel goed te lezen. Ik hoef niet aan de wet en de profeten te gaan zitten sleutelen, ik hoef mijn dogmatische systeem er niet over heen te klemmen. Het is  helemaal niet nodig om de profeten te vergeestelijken. God heeft niet iets anders gezegd dan wat Hij heeft bedoeld. Zijn openbaring is geen crypotogram. Ik kan nog steeds preken over de meisjes die zullen dansen in de wijngaarden van Shilo (Jer.31), zonder me af te vragen hoe Jezus dat gedaan heeft (Jer.31). Jezus heeft ervoor gezorgd dat dit gaat gebeuren.

De zesde reden is dat Israël mijn christelijk geloof beschermt tegen infectie met het heidendom. Israël bewaart mij om de aarde tegen de hemel in te ruilen, om van Jezus een Helleense God-Mens te maken, om verstrikt te raken in een verkiezingsleer die meer te maken heeft met de Germaanse schikgodinnen dan met Gods roeping. Mijn geloof is geen vruchtbaarheidscultus waar alleen de namen veranderd zijn. Het is ook geen verkapt egoisme, omdat het stiekem meer om mij dan om God gaat. Ik hoef niet bij elke tekst verwend te vragen: ‘Wat doet mij dit of waar helpt mij dat?’ Ik ben in zekere zin toeschouwer van Gods weg met Israël in de heilsgeschiedenis en ik jubel en juich, ik hou mijn hart vast en bid. Ik bewonder en kijk uit naar wat God zal doen.

Om door te steken naar wat de wereld bezig houd: Het land! Ik kan me daar niet van los maken  en vroom verder geloven. Het is altijd om het land gegaan. Vanaf de roeping van Abraham. Zion, de berg Moria. Dat is het erfdeel van de Here. Daar is het begonnen en daar zal alles voltooid worden. Daar is de openbaring gegeven, daar hebben de profeten gesproken, daar hebben de psalmen geklonken. Daar heeft Jezus zijn offer gebracht en daar zal Hij heersen op de troon van David. Daar woont God voor altoos in het midden van Ide kinderen van Israël (Ez.43:7). En als de wereld dat deel wil afbreken van Israël met de belofte van vrede, dan raakt me dat. Ik weet dat God een andere mening heeft over deze plek dan de wereld en de media. Dat gebeurt wel vaker. Natuurlijk is er in het land ook plaats voor anderen, altijd geweest, maar met liefde voor Israël en voor de God van Israël.

De achtste reden: Ik ben als christen geplant op de edele olijfboom. De kerk is geen apart instituut. Dat heeft zij van zichzelf gemaakt. Wij zijn mensen die de God van Israël ontmoet hebben en door Joden zijn uitgenodigd het huis van Israël binnen te komen.
En dat Israël voor een groot deel niet gelooft dat Jezus de beloofde Messias is?: Dat is geen bedrijfsongeval, dat is geen onvoorziene gebeurtenis alsof de duvel er mee speelt. Dat alles is omwille van ons (Rom.11:28). Tijdelijk, omwille van ons, omdat het blijkbaar voor de wereld moeilijk te accepteren is dat het heil uit de Joden is.

Waarom is Israël belangrijk voor de kerk en voor mijn geloof? God toont zijn luister en majesteit in Israël. Dat heeft Hij zo besloten, altijd zo gedaan en zal Hij tot het einde blijven doen. En ik sta in mijn leven op de tweesprong: Of ik heul met de wereld mee, die in een laatste poging Gods plannen te verijdelen zich tegen zijn volk keert en natuurlijk doe ik dat dan in stijl: In toga of met pij met een stapel kerkboeken onder mijn arm en met een kruis van voren en van achter loop in mee in de laatste optocht tegen Jeruzalem en ik zing daarbij. Of ik ga biddend en bemoedigend om Israël heen staan, als wachter op de muren van Jeruzalem  totdat de sjofar klinkt en God zijn glorie toont aan de wereld, in Sion.